Regelgeving voor vereniging en stichting

Verenigingen en stichtingen worden opgericht met een bepaald doel. Bijvoorbeeld om een studie te financieren of een natuurgebied te beschermen. Zowel de vereniging als de stichting is een rechtspersoon. Dat betekent dat ze zelf kunnen deelnemen aan het economisch verkeer en rechten en plichten hebben. Hoe zit de organisatie ervan in elkaar en wanneer is zij verplicht belasting te betalen?

Vereniging

U richt een vereniging op om samen met anderen een bepaald doel of een specifieke wens te realiseren. Bijvoorbeeld om samen te kunnen sporten of muziek te kunnen maken of om een buurt of winkelgebied te verbeteren. Er zijn twee soorten verenigingen: de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid en de vereniging met beperkterechtsbevoegdheid.

Vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

Een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid wordt opgericht door een akte van de notaris. Zij kan volledig zelfstandig deelnemen aan het economisch verkeer en heeft dezelfde rechten en plichten als een burger. Dat betekent dat zij onroerend goed kan kopen, geldleningen kan aangaan en zelfs erfgenaam kan zijn.

U bent verplicht een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid in het handelsregister in te schrijven. Doet u dit niet, dan is het bestuur persoonlijk (ofwel in privé) aansprakelijk voor eventuele schulden van de vereniging.

Vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid

Een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid wordt opgericht via een mondelinge of schriftelijke overeenkomst. Een akte van de notaris is niet nodig voor de oprichting. Deze vereniging kan geen onroerend goed kopen en ook geen erfgenaam zijn.

Oprichting

De akte van oprichting omvat de statuten van de vereniging. Wanneer u de vereniging met een akte van de notaris opricht, moeten in de statuten in ieder geval komen te staan: de naam en het doel van de vereniging, de verplichtingen van de leden tegenover de vereniging en de wijze waarop deze worden opgelegd, hoe de algemene vergadering bij elkaar moet worden geroepen, de wijze van benoeming en ontslag van bestuurders en waar het geld naartoe gaat als de vereniging wordt ontbonden.

Naast statuten kent een vereniging vaak een huishoudelijk reglement of een document met aanvullende regels, bepalingen en voorwaarden. Deze gaan over het aanvragen en beëindigen van het lidmaatschap, het gebruik van het clubhuis, het betalen van de contributie en de besluitvorming binnen het bestuur.

Organisatie

De vereniging heeft een bestuur, bestaande uit een voorzitter, een secretaris, een penningmeester en andere bestuursleden. Het bestuur organiseert en leidt de vereniging. Het bestuur legt verantwoording af aan de leden en derden. Alle leden samen vormen de algemene ledenvergadering. In deze vergadering heeft ieder lid stemrecht. De algemene ledenvergadering komt ten minste één keer per jaar samen om het gevoerde beleid en het jaarverslag te bespreken. Ook een vereniging mag winst maken, mits deze wordt ingezet om het doel na te streven. De winst mag dus niet uitgekeerd worden aan de oprichters of het bestuur. De bestuurders mogen wel een reële vergoeding krijgen voor de onkosten die zij maken of voor de tijd die zij aan de vereniging besteden.

Aansprakelijkheid

De bestuurders van een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid zijn persoonlijk (dus in privé) aansprakelijk voor de schulden van de vereniging. Deze aansprakelijkheid kan zelfs doorlopen nadat de bestuurders zijn afgetreden. De bestuurders van een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid zijn alleen persoonlijk aansprakelijk ingeval van wanbestuur of als de vereniging niet is ingeschreven in het handelsregister.

Stichting

U richt een stichting op om een bepaald maatschappelijk, sociaal of ideëel doel te realiseren. Het oprichten van een stichting kan alleen via een akte van de notaris. U kunt dit alleen doen, zelfs via uw testament, of samen met anderen. De stichting moet

direct na oprichting worden ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel. In de oprichtingsakte worden de

statuten van de stichting opgenomen. Hierin staan de naam en het doel van de stichting, de wijze van benoeming en ontslag van het

bestuur, hoe besluitvorming plaatsvindt en waar het geld naartoe gaat als de stichting wordt opgeheven.

Organisatie

Meestal heeft een stichting maar één orgaan: het bestuur. Een stichting heeft geen leden. Het bestuur heeft de leiding en vertegenwoordigt de stichting. Het bestuur bestaat uit een voorzitter, secretaris en penningmeester en eventueel andere bestuursleden. Er zijn geen regels over de manier waarop een stichting aan haar geld kan komen. Inkomsten via donaties, subsidies, legaten of schenkingen zijn dus allemaal toegestaan. Een stichting mag winst maken, maar moet deze winst inzetten om het doel na te streven. De winst mag dus niet uitgekeerd worden aan de oprichters of het bestuur. De bestuurders mogen wel een vergoedingkrijgen voor de onkosten die zij maken of voor de tijd die zij aan de stichting besteden, mits deze vergoeding reëel is.

Aansprakelijkheid

Omdat een stichting een rechtspersoon is, zijn de bestuurders in privé niet aansprakelijk voor schulden van de stichting. Dit is anders wanneer sprake is van wanbestuur. In dat geval is de bestuurder persoonlijk aansprakelijk voor zijn handelen. De schade die de stichting of derden daardoor hebben geleden, kan verhaald worden op het privévermogen van de bestuurder. Ook wanneer de stichting niet staat ingeschreven in het handelsregister, is het bestuur persoonlijk aansprakelijk.

Belastingen

Zowel de stichting als de vereniging kan te maken krijgen met belastingheffing. Welke belastingen dat zijn is afhankelijk van de activiteiten die zij verricht.

Vennootschapsbelasting

Wanneer uw vereniging of stichting met kapitaal en arbeid deelneemt aan het economisch verkeer en daarbij winst maakt of naar winst streeft, wordt zij gezien als een onderneming. Dit is ook het geval als een activiteit wordt verricht waarmee uw vereniging of stichting met ondernemingen concurreert. De vereniging of stichting betaalt dan vennootschapsbelasting over de winst, tenzij de fiscale winst niet meer bedraagt dan € 15.000 in een jaar of € 75.000 in totaal over een reeks van vijf jaar. De vereniging of stichting is van vrijgesteld van vennootschapsbelasting.

Uw vereniging of stichting kan kwalificeren als een Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) of Sociaal Belang Behartigende Instelling (SBBI). Onder voorwaarden mag zij dan de fictieve personeelskosten aftrekken van de winst. Een ANBI mag op haar fiscale winst in mindering brengen de winst die is toe te rekenen aan fondswervende activiteiten. Een fondsenwerver, dat is een organisatie die uitsluitend fondswervende activiteiten verricht ten behoeve van een ANBI, mag de uitkeringen die zij doet aan de ANBI in mindering brengen op de winst.

Omzetbelasting (btw)

Afhankelijk van de activiteiten van uw vereniging of stichting kan het zijn dat zij btw moet betalen. In veel gevallen zal het hoofddoel een activiteit zijn waarvoor een vrijstelling van omzetbelasting geldt. Dit geldt bijvoorbeeld voor sportverenigingen, zorginstellingen, scholen en organisaties die op sociaal, recreatief of cultureel vlak werkzaam zijn. De vrijstelling is niet altijd onbeperkt. Zo geldt voor sportverenigingen een vrijstelling van omzetbelasting, behalve voor zover de vereniging entree heft van toeschouwers voor wedstrijden. Zijn de primaire activiteiten vrijgesteld van de heffing van btw, dan kan voor de omzet die wordt behaald met de levering van goederen en diensten van bijkomstige aard gebruik worden gemaakt van de vrijstelling voor fondswervende activiteiten. De vrijstelling geldt tot een omzet aan leveringen van € 68.067 per jaar en een omzet aan diensten van € 22.689. Voor sportverenigingen geldt een hogere vrijstelling van omzet aan diensten, namelijk tot een bedrag van € 50.000 per jaar.

Ontvangt de vereniging sponsoring voor bepaalde activiteiten, dan kan het zijn dat over de ontvangen sponsorbijdrage btw afgedragen moet worden. Dit is het geval als de vereniging een tegenprestatie levert voor de ontvangen bijdrage.

Erf- en schenkbelasting

Ontvangt uw vereniging of stichting geld uit een erfenis of via een schenking, dan moet zij hierover erf- of schenkbelasting betalen. Zij kan een beroep doen op een vrijstelling van erf- of schenkbelasting als de verkrijging niet boven een bedrag van € 2.173 uitkomt. Voor een ANBI, SBBI of een steunstichting SBBI gelden ruimere vrijstellingen. Voor deze bijzondere instellingen geldt namelijk dat de ontvangen erfenis of schenking geheel is vrijgesteld op voorwaarde dat aan de erfenis of schenking niet een opdracht is verbonden waardoor het karakter van te zijn gedaan in het algemeen of sociaal belang vervalt.

Loonheffingen en vrijwilligersregeling

Heeft uw vereniging of stichting personeel in dienst, dan moet zij zich bij de Belastingdienst aanmelden als werkgever. Zij moet dan loonheffingen inhouden op de salarisbetalingen aan het personeel. Dit geldt ook voor vergoedingen die zij betaalt aan vrijwilligers. Liggen deze vergoedingen echter onder een wettelijke bepaalde grens, dan kan zij gebruik maken van de vrijwilligersregeling. Zij hoeft dan geen loonheffingen in te houden en te betalen aan de Belastingdienst. Per vrijwilliger mag op jaarbasis een vergoeding van maximaal € 1.700 belastingvrij worden betaald. Per maand mag de vergoeding voor een vrijwilliger niet meer bedragen dan € 170. Komen de bedragen uit boven deze grenzen, dan geldt het gehele bedrag als loon.